Skip to main content

Zomerakkoord '18 - Klimaatplan

Voorafgaand aan het Vlaamse Zomerakkoord, kregen we vanuit de EU een bijzonder ambitieuze doelstelling opgelegd op het vlak van non-ETS emissiereducties, namelijk -35% tegen 2030 t.o.v. 2005. Bijkomend moeten inzake energie en energie-efficiëntie door België zelf nieuwe streefdoelen worden voorgesteld, waarbij elk gewest en de federale staat voor zijn bevoegdheden hiervoor de onderdelen moet leveren.

Voor het akkoord omtrent klimaat werkte Voka saKlimaatakkoordmen met de Vlaamse sectorfederaties van het Vlaams Werkgeversplatform. We wilden dat het plan zich in eerste plaats zou focussen op maatregelen die een win-win voor klimaat en economie opleveren. De economische, functionele en technische haalbaarheid moest daarbij voorop staan.

  • Voka pleitte ervoor dat de verschillende inspanningen correct verdeeld worden over de verschillende maatschappelijke sectoren. Zo zijn er voor de grootste uitstoters in de non-ETS sectoren, met name gebouwen en transport, meer mogelijkheden om hun emissies van broeikasgassen te reduceren. Voor andere sectoren zoals industrie kan dit technisch en/of economisch minder evident zijn. De verschillende streefdoelen zijn naar een meer realistisch niveau herleid (de emissievermindering is versoepeld van 31% naar 21% voor de industrie, de vergroening van energiedragers is herleid van 15% naar 10%).
  • Voor Voka is het belangrijk dat de maatregelen van het akkoord rekening houden met de technische, economische en functionele haalbaarheid ervan. Het criterium komt ondertussen dan ook verschillende keren terug in het plan, waarbij het engagement om de energiebeleidsovereenkomsten (EBO’s) verder te zetten na 2022 het mooiste voorbeeld is. Vrijwilligheid en rendabiliteit blijven daarbij centraal staan als uitgangspunten.
  • De maatregelen moeten technologieneutraal zijn, waarbij technologische preferenties voor een meer duurzame toekomst geen rol mogen spelen. Het is belangrijk dat verschillende technologieën tegen elkaar kunnen concurreren binnen een vrije markt om de kosten te drukken en innovaties mogelijk te maken. Die technologieneutraliteit komt o.a. naar voren bij de maatregelen voor mobiliteit, waar zeker voor zwaarder transport nog veel technologische opties zich momenteel aandienen.
  • Er moet voldoende aandacht zijn voor de effecten op de economie. Voor zowel de groeikansen van onze ondernemingen als de terugverdieneffecten moet er aandacht zijn. In het Vlaams klimaatplan werden er eindelijk sterkere innovatie- en renovatiedoelstellingen geformuleerd, met aandacht voor de economie.
Klaas Nijs - Senior Adviseur Energie & Klimaat - klaas.nijs@voka.be - 0485 28 76 62
ING
SD Worx