Skip to main content
  • Home
  • Nieuws
  • Vacaturerecord vraagt om verhoogde activering
Sonja Teughels
  • 18/01/2017

Vacaturerecord vraagt om verhoogde activering

De vacatures in Vlaanderen pieken als nooit tevoren. Sinds 2013 is het aantal vacatures bij VDAB in stijgende lijn, met op dit ogenblik een absoluut record. In de afgelopen 15 jaar waren er nooit zo veel jobaanbiedingen als vandaag: maar liefst bijna 227.000 afgelopen jaar.  Ter vergelijking: voor de financieel economische crisis in 2007 bedroeg dit ruim 200.000, om vervolgens te dalen tot 150.000 in 2009.

Verandering in jobinhoud is vandaag niet ingebouwd in de werkloosheidsreglementering.

 

  • Het aantal vacatures neemt snel toe, terwijl de werkloosheidsgraad veel trager daalt.
  • Ouderen en allochtonen blijven ver achter inzake werkzaamheid.
  • Scholing en opleiding blijven de belangrijkste remedie tegen werkloosheid.

 

De stijging van de vacatures zet zich door in alle bedrijfssectoren, maar er zijn ook enkele zeer opvallende groeipolen: informatica, telecom, media, energie, water en afvalverwerking alsook ontspanning.Sommige sectoren kennen een eerder lage groei, zoals drank en voeding, maar geen enkel segment gaat er echt op achteruit. Opvallend is de sterke vraag naar hooggeschoolden.

 

In de evolutie van de werkloosheidsgraad zien we een tegenovergesteld beeld:een daling op de lange termijn, maar minder sterk uitgesproken. Momenteel kent Vlaanderen ruim 215.000 werkzoekenden van wie 150.000 met een werkloosheidsuitkering en nog eens 14.000 jongeren in de beroepsinschakeltijd.

 

Op basis hiervan mogen we concluderen dat onze economie het vrij goed doet en dat de ondernemingen mensen zoeken, hetzij voor uitbreiding, hetzij voor vervanging van ouderen. Ondanks de berichten van de voorbije maanden over enkele grote herstructureringen – al dan niet aangescherpt door digitalisering – toont de realiteit een heel ander beeld: toenemende krapte en groei in werkgelegenheid.

 

Achter deze krapte gaat een realiteit schuil van te lage werkzaamheid- en activiteitsgraad. Anders gesteld, te weinig mensen bieden zich aan op de arbeidsmarkt en te veel latente arbeidsreserve blijft onbenut. Als we het zo goed zouden doen als de beter presterende landen, zouden België en Vlaanderen tot respectievelijk 900.000 en 600.000 mensen meer aan het werk kunnen hebben. We weten bovendien dat de tewerkstelling van ouderen en allochtonen – en vrouwelijke allochtonen in het bijzonder – zeer problematisch is.

 

Er moet een versnelling hoger worden geschakeld in de activering van mensen. Enkel zo kunnen toekomstige uitgaven van sociale zekerheid gefinancierd worden en kan Vlaanderen meesurfen op de golf van economische groei:

 

  1. Beperk de werkloosheidsuitkering in de tijd en voer een activeringsbeleid vanuit alle stelsels: werkloosheid, leefloon en ziekte. Het blijft vreemd dat het in jobs voor laaggeschoolden waar enkel goesting en motivatie wordt gevraagd, moeilijk lukt om mensen aan het werk te krijgen. Een combinatie van werkloosheidsvallen en langlopende uitkeringen ligt hier aan de basis. België blijft het enige land in Europa dat geen beperking van uitkeringen kent in de tijd. De geringe degressiviteit die is ingevoerd sinds enkele jaren, heeft op dat vlak niet voor een wezenlijke trendbreuk geleid maar maakte het beheer van de werkloosheidsuitkeringen enkel zeer complex. Doel moet zijn dat meer mensen dan vandaag echt werk zoeken. Het blijft echter wachten op een regering die dit taboe wil aanpakken.
     
  2. Actualiseer de werkloosheidsreglementering – en vooral: de notie passende betrekking. De werkloosheidsreglementering – thans federaal – bepaalt welke soort jobs mensen mogen weigeren en aanvaarden. Hierbij wordt gekeken naar de pendeltijd tussen woon- en werkplaats maar ook naar kwalificatie/aangeleerd beroep. We stellen vast dat dit model verouderd is in het licht van de uitdagingen op onze arbeidsmarkt. Op basis van de enquête die Voka hield over digitalisering, bleek immers dat de helft van de ondernemers inschat dat de jobs niet zozeer gaan verminderen maar wel zullen veranderen. De jobinhoud wijzigt en vraagt om bepaalde skills en flexibiliteit die niet langer stroken met het begrip ‘initieel diploma’ of ‘oorspronkelijk aangeleerd beroep’. Verandering in de job – het leidmotief de komende jaren – is eenvoudigweg niet ingebouwd in de werkloosheidsreglementering. Het gevolg is dat de controle erop ook niet meer actueel is. Anders dan het beperken van de uitkeringen in de tijd, is deze ingreep wél ingeschreven in het federaal regeerakkoord. Waarom talmen?
     
  3. Versterk de controle via gerichte werkgeversfeedback.Het blijft moeilijk voor de regionale controlediensten zoals VDAB om goed te controleren en te sanctioneren waar nodig. Het gros van de sancties komt er immers omdat werklozen niet komen opdagen op afspraken. Dit is slechts het topje van de ijsberg. De echte uitdaging ligt in het onderscheppen van een gebrek aan motivatie en werkwilligheid. Het is immers moeilijk dit vast te stellen op basis van gesprekken met een consulent van VDAB. Een cruciale partner hierin kunnen werkgevers zijn die, nog meer dan vandaag, door VDAB kunnen worden bevraagd over de feedback van een sollicitatieprocedure. Dat moet er overigens ook voor zorgen dat werkzoekenden nog sneller dan vandaag terug aan het werk kunnen.
     
  4. Zet in op activering van allochtonen en ouderen. Beide groepen blijven ver achter in de werkzaamheid en het langer werken. In de activering van ouderen worden stapjes vooruit gezet, maar de beweging gaat te traag. Maandelijks vinden ondertussen meer dan 2.200 50-plussers terug werk. Hoewel de aantallen maandelijks stijgen, zou het nog meer mogen zijn. Nog te veel wordt SWT (het vroegere brugpensioen) als exit naar voren geschoven, waardoor veel ouderen de facto niet meer beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. Ook het interprofessioneel akkoord gaat hierin te traag vooruit met de graduele opvoering van de leeftijd. Voor allochtonen zien we zelfs geen evolutie inzake werkzaamheid: de situatie is in 20 jaar tijd nauwelijks verbeterd en dat leidt ertoe dat veel menselijk potentieel onbenut blijft. Het blijft gissen naar de reden van die stilstand. Een leerstoel migratie, integratie en inburgering gaat nu van start om beleidsmatig inzicht te krijgen in hun prestaties op de arbeidsmarkt. Tot de uitkomst van dit onderzoek verdringen sommige beleidsmakers elkaar om de onverklaarbare variabele dan maar toe te schrijven aan discriminatie. Quod non.
     
  5. Een betere aansluiting onderwijs arbeidsmarkt. Ondanks alle inspanningen in controle, opvolging en bemiddeling van werklozen, blijft de beste remedie eenvoudigweg een goede scholing en onderwijs. Dit is de beste preventie tegen werkloosheid en bespaart geld en tijd achteraf. In die zin is duaal leren alsook de hervorming van het secundair onderwijs zonder meer cruciaal voor de arbeidsmarkt. Het moet vermijden dat jongeren zonder diploma, met een verkeerd diploma en/of met veel vertraging de schoolbanken verlaten. Het resultaat kennen we immers: herscholing door VDAB of werkloosheid. Het valt in die zin af te wachten wat het feitelijke resultaat van de besliste onderwijshervorming zal zijn: een echte stap vooruit of een gemiste kans.

 

Sonja Teughels - Arbeidsmarkt - sonja.teughels@voka.be
VZW - Actiris - Oktober2019
VZW - vGD
ING
SD Worx